De explosieve groei van de archeologische activiteiten in Europa leidt tot grote veranderingen in het aanzien en de verantwoordelijkheden van de beroepsarcheologen. Deze veranderingen hebben ook implicaties in sociale, economische, educatieve en wetenschappelijke zin. Binnen het project ligt de focus op drie aandachtsgebieden:
- Het in kwantitatieve zin identificeren van de Europese archeoloog. Er wordt voor de verschillende landen data verzameld om een beeld te krijgen van de beroepswereld: wie geldt waar als archeoloog of specialist, welke diploma's zijn nodig, hoeveel archeologen zijn er, hoe zit het met de werkgelegenheid voor hen? En hoe verhoudt zich dat alles tot het volume aan bouwactiviteiten? Deze gegevens vormen een waardevolle bron van informatie voor analyses en aanbevelingen.
- Het in kwalitatieve zin identificeren van de Europese archeoloog. In dit verband wordt gekeken naar de wetenschappelijke, sociaaleconomische en professionele stand van zaken van de Europese archeoloog: welke kwaliteitsnormen, standaarden en ethische codes worden gehanteerd en hoe wordt verantwoording afgelegd richting betrokken overheden, locale gemeenschappen, projectontwikkelaars en andere onderzoeksfinanciers?
- De beroepsopleiding. Geëvalueerd zal worden wat het belang is van de universitaire opleiding voor de eisen die aan de huidige archeologie worden gesteld. Hiertoe zal de opleidingspraktijk worden beoordeeld, zullen ervaringen worden uitgewisseld en worden digitale leeromgevingen verder uitgewerkt.
Het werk voor dit onderdeel wordt gecoördineerd door LaPa (CSIC-IEGPS) en INRAP. Het zal resulteren in een database en een op Europees niveau synthetiserende publicatie. De analyse van het universitaire archeologische onderwijs wordt getrokken door het Instituut voor Prehistorie van de Adam Mickiewicz Universiteit van Poznan en door andere deelnemers aan het ACE-netwerk. Zij zijn ook belast met het ontwerpen van de digitale leeromgevingen.